Groen vindt het een goede zaak dat de ramingen van Niras, de nationale instelling voor radioactief afval en verrijkte splijtstoffen, een stuk realistischer zijn geworden. Wat de kostprijs betreft is Groen duidelijk: die factuur is voor de exploitant. Federaal fractieleider Kristof Calvo: “Het is goed dat de ramingen bij Niras eindelijk een stuk realistischer zijn geworden. De kostprijs van het opbergen van dat nucleair afval zal uiteindelijk nog hoger liggen. Wij waarschuwen nu al: het zal Engie zijn, en niet de belastingbetaler, die voor die kost zal opdraaien.” Groen wil garanties van de regering dat die kost inderdaad volledig bij de exploitant ligt.

De nieuwe ramingen voor de kost van het opbergen van nucleair afval gaan nu uit van het opbergen van dat afval op 400 meter diepte. Volgens Groen is dat al beter dan de oude ramingen, die uitgingen van 200 meter, maar eigenlijk is die 400 meter nog steeds onvoldoende voor het waarborgen van de veiligheid ervan. “In Frankrijk werkt men met minimum 500 meter diepte, in de VS gaat men uit van 650 meter en in Zwitserland is de standaard zelfs 900 meter diep. Dat is nodig om de veiligheid te waarborgen”, aldus Calvo.

Groen vraagt al langer om uit te gaan van het meest veilige scenario, en roept de regering op om snel te werken aan een regeling die de post-nucleaire kosten volledig bij de exploitant legt. “Voor Groen kan het echt niet dat de belastingbetaler uiteindelijk de rekening betaalt van die dure operatie. De verborgen kosten van nucleaire energie komen nu eindelijk naar buiten, en Engie probeert de kost af te wentelen op de belastingbetaler. Dat is onaanvaardbaar. Wij roepen de regering op om het been stijf te houden”, besluit Calvo.