(Screenshot 'Terug naar eigen land' - Vier)

…het beste wat de televisie ons sinds lang heeft getoond…

Wikipedia leert me dat journalist en tv-maker Martin Heylen ooit nog voor deze krant heeft geschreven. Ik vermoed dat men bij de redactie wel eens vloekt dat dat niet meer zo is. Heylen is immers een vakman. Een journalist moet uiteraard kunnen schrijven en heeft liefst een stevig adresboek op zak, maar het allerbelangrijkste voor de journalistieke stiel lijkt me een stevige dosis verwondering. Heylen heeft die te over.

Hij is zowat de El Sympatico van de programmamakers. Altijd nieuwsgierig maar toch niet opdringerig. Speels maar toch ernstig. Rationeel maar toch erg betrokken. Dat hebben we nog eens mogen waarnemen tijdens de reeks Terug naar eigen land op Vier, die nu afloopt. Ik zou echt eens een koffie met hem willen gaan drinken. Hopelijk leest hij de krant nog.

”Deze serie heeft meer losgemaakt dan vijftig nieuwsprogramma’s over hetzelfde onderwerp, daar twijfel ik geen seconde aan”, is het oordeel van een van de deelnemers, Jean-Marie Dedecker (DM 14/4). Gelijk heeft hij. We zouden daarom de reeks in zowat alle scholen moeten tonen. Lager, secundair of zelfs hoger onderwijs: iedereen zou er iets aan hebben. De vluchtelingencrisis die nu al maanden pagina’s en programma’s vult, krijgt dankzij Heylens documentaire een concreet gezicht. Het gaat eens niet over links of rechts, push backs of open grenzen. Maar over de mensen zelf. Het is eigenlijk verplichte leerstof voor ons allemaal.

Bij het kijken is het al moeilijk om niet te huilen. Wat moet dat voor de deelnemers geweest zijn, vraagt wellicht iedereen zich af. Uiteraard had ik bij het kijken net dat ietsje meer aandacht voor wat mijn collega’s in het programma zeiden en deden. Dedecker heb ik gezien zoals ik hem heb leren kennen tijdens mijn eerste periode als Kamerlid. Een collega met wie het fijn discussiëren en koffie drinken is. Keihard, het is moeilijk hem rechts voorbij te steken, maar wel menselijk en warm. Ook voor wie geen toegang heeft tot de koffiekamer van het parlement is dat nu duidelijk geworden.

Die andere collega, Zuhal Demir, heeft mij dan weer onaangenaam verrast. We zijn samen begonnen in de Kamer en toen ze nog in Antwerpen woonde, mocht ik af en toe mee rijden na late zittingen. Demirs uithalen, haar partijprogramma maar dan met krachttermen en zonder respect, zijn van een ongeziene kilte. Alsof een politicus geen menselijkheid mag opbrengen. Alsof het zo moeilijk is om te begrijpen waarom mensen landen in oorlog ontvluchten. Door de sneeuw zijn ze op zoek naar een betere toekomst. Ze doen wat mensen doen: gezond en veilig willen leven, een betere toekomst najagen voor hun kinderen.

Als wij, Zuhal en ik, vandaag allebei Kamerlid zijn, is het trouwens ook omdat vader Demir en grootvader Calvo wél de kans hebben gekregen hier een toekomst uit te bouwen voor hun kinderen en kleinkinderen. Dat hoeft je partijprogramma nog niet te bepalen, maar het zou wel minstens een begin kunnen zijn van enige empathie. Die empathie was er niet. Straffe uitspraken, dat wel. In de laatste aflevering geeft ze dat ook zelf toe. Gelukkig.

In elk geval hoop ik dat Vlaanderen meer onthoudt van Terug naar eigen land dan enkel maar die uitschuivers. Het is het beste wat de televisie ons sinds lang heeft getoond. Maar het is vooral een uitnodiging om het er ook eens echt over te hebben, over die vluchtelingencrisis. Niet alleen met mensen die je overtuiging over de kwestie delen, maar ook met eens met iemand die er echt helemaal anders naar kijkt. Ish, Bert, Margriet, Veroniek, Jean-Marie en Zuhal hebben alvast het getoond dat het kan. Merci.

Share This