Debruyne Zabriskiept69

Kevin De Bruyne als jeugdspeler bij AA Gent (foto: Zabriskiept69/Wikimedia - CC)

Opstaan is tegenwoordig Twitter controleren. Zo ook gisteren. Het eerste beeld bij mij was er een van een kermende Kevin De Bruyne, grijpend naar zijn knie. In een jaar met een Europees kampioenschap voetbal is dat grote paniek. Ik begrijp: voor mensen die niet van voetbal houden is de rechterknie van De Bruyne een van de meer dan 22 miljoen Belgische knieën. Maar voor mij als voetbaldier gaan de knieën en de voeten van De Bruyne wel bepalen of ik een vrolijke zomer beleef of niet. Ondertussen lijkt de schade mee te vallen. De blessure is misschien zelfs een welgekomen rustperiode richting EK. Oef.

De Bruyne is zo’n voetballer die een poster verdient in elke jongenskamer. Omdat hij geweldig eenvoudig is, helemaal zichzelf. Heel toevallig zag ik hem in 2012 na de interland België-Nederland in de buurt van de Heizel. De Bruyne was toen nog invaller in minuut 56. “Topmatch. Binnen zes maanden speel jij altijd”, riep ik hem snel toe. De Bruyne, in het gezelschap van zijn vader, bloosde net niet.

Hij is ook geweldig stabiel. Zijn club Manchester City legde een recordaantal euro’s op tafel voor hem, maar vanaf week één voetbalt hij er alsof hij nog altijd een duiveltje is bij KVE Drongen. Zijn transfer leverde hem meteen een miljoenenbankrekening op. Maar als op zijn verjaardagsfeest enkele Vlaamse hiphoppers komen optreden, is hij dankbaar als een kind. Kortom, een rolmodel voor alle jonge voetballers.

De tegenpool van De Bruyne is iemand als Anthony Vanden Borre. Vraag van de week in de sportkranten is hij wel of niet vergiffenis moet krijgen. Vanden Borre heb ik leren kennen als preminiem. Elf jaar waren we toen, maar in zijn geval leek dat toen meer op 18. Een hele wedstrijd hebben we toen met elf achter zijn witte schoenen mogen lopen. “Nog beter dan die Kompany”, klonk het toen aan de zijlijn.

Vandaag is Kompany, net als De Bruyne, een topper bij City, terwijl Vanden Borre al enkele maanden technisch werkloos is omdat hij dwaze uitspraken heeft gedaan over zijn ploegmaats bij Anderlecht. En dus moest hij boeten. Ik heb wel compassie met iemand als Vanden Borre.Compassie voor iemand met een vette bankrekening? Ja, zelfs een tikkeltje compassie voor iemand met een vette bankrekening.

Uiteindelijk is Vanden Borre nog altijd een jonge gast van 28 wiens zaakjes maar niet op orde geraken: ups en downs, van blind applaus naar striemende fluitconcerten, een behoorlijk hobbelig parcours. Ik hoop dat hij geen kranten leest en zich dus de minder prettige, breed uitgesmeerde portretstukken niet hoeft aan te trekken. Ik zit niet in de kleedkamer van Anderlecht en weet dus niet wat hij allemaal uitsteekt, maar ik hoop dat hij opnieuw een kans krijgt. Zoals ook andere ketjes die naast het veld fouten maken gewoon nieuwe kansen verdienen.

Van De Bruyne vermoed ik dat hij gelukkig is. Ik hoop het alvast. Maar stabiel of niet, ook bij hem kan het snel omslaan. Eén keer te laat uitgaan een week voor het EK - doodnormaal op die leeftijd - en het is koekenbak, een nationale rel. Bij Vanden Borre ben ik vrij zeker dat hij echt niet happy is. Wellicht geldt dat wel voor meer jonge voetballers, dat ze stiekem verlangen naar een gewone job en een anoniem bestaan. Op het eerste gezicht is zo’n leven als profvoetballer een droom. Maar eigenlijk is het toch ook een harde stiel, bikkelhard voor tieners en twintigers. Extreem fragiel ook, het kan snel voorbij zijn. Eigenlijk zou je als ouder bijna moeten wensen dat je kind net geen voetbalwonder is.

Share This