Over de Engelse volksheld Robin Hoofd zijn al heel wat films gemaakt. Maar een versie waarin Robin aan het eind van de film een zak geld in petto heeft voor de adel, die moet nog worden gemaakt. 'Robin Hood verliest prijzenoorlog' als kop (DM 1/12) is dus nog mild voor het bandietenwerk van de voorbije week.

Eerst gaf de regering Electrabel voor 2013 een korting van 75 miljoen euro op de reeds te lage nucleaire bijdrage. 48 uur later was er ook witte rook over de energieprijzen. Uitkomst van de maandenlange boksmatch tussen Johan Vande Lanotte en Melchior Wathelet: geen maximumprijzen, geen directe loskoppeling van de gasprijzen en de stijgende olieprijzen en (nog) geen duidelijk kader voor de prijzenpolitiek na 1 januari, bij het aflopen van de prijsbevriezing.

Specialisten waarschuwen nu voor (forse) prijsstijgingen. Leveranciers schreeuwen om duidelijkheid en rechtszekerheid. De dooi van de energieprijzen dreigt een koude douche te worden voor onze burgers en bedrijven.

Al is het niet allemaal kommer en kwel. Zo was er de afschaffing van de verbrekingsvergoeding en de organisatie van een switchcampagne. Een recordaantal consumenten stapt over. Tot en met oktober wisselden in Vlaanderen al 359.044 gezinnen van energieleverancier en 244.474 van aardgasleverancier. Dat is gevoelig meer dan in heel 2011. Maar hypermobiel is de markt nog niet. Voor 54 procent van de Vlaamse gezinnen is de huidige leverancier nog altijd de eerste.

Een belangrijke groep afnemers heeft de markt nooit betreden. Zulke sleepers hebben nog steeds geen leveringscontract getekend. Ze worden de facto nog steeds voorzien door de 'standaardleverancier' - zijnde de historische operator. In Vlaanderen gaat het na 9 jaar liberalisering om circa 10 procent van de consumenten. In Wallonië en Brussel ligt dat aandeel nog gevoelig hoger - tot circa 30 procent in onze hoofdstad. Extra initiatieven om net deze groep in beweging te krijgen zijn nodig.

Waarom krijgen we niet iedereen in beweging, terwijl het prijsvoordeel toch al gauw enkele honderden euro's bedraagt? Belangrijke hypotheek is de complexiteit. Vooral de prijsvoorstellen met een variabele prijs zorgen voor die complexiteit. Maar liefst 19 verschillende indexeringsparameters worden hiervoor gebruikt door de elektriciteitsleveranciers. Voor gas zijn dat 14 verschillende parameters. Onder deze 33 parameters zijn er slechts drie gemeenschappelijk bij twee of meer leveranciers. Wie raakt niet ontmoedigd tijdens de zoektocht naar een nieuwe leverancier in zo'n tarievenjungle?

Werk maken van minder en eerlijkere parameters, het was net het belangrijkste argument voor de tijdelijke prijsblokkering. Al op 1 augustus leverde energieregulator CREG een rapport af met de nodige voorstellen. Prijzen zouden pas mogen stijgen in functie van de evolutie van de werkelijke bevoorradingskosten van de leverancier. De naamgeving van de parameters moest transparanter en meer gelijklopend. Enkel parameters op basis van noteringen op de Europese gas- en elektriciteitsbeurs zijn nog legitiem, vond de CREG.

De regulator pleitte in dat rapport ook voor het knippen van de band tussen gas- en olieprijzen, een belofte van de regering in het voorjaar. Omdat de regering het maar niet eens raakte over de hervorming, heeft Groen dit voorstel neergelegd in het parlement. Het ligt er nog steeds, dus het kan nog steeds worden gestemd.

In dat rapport sprak de CREG klare taal over hoe GDF Suez de meerkost van langetermijncontracten op basis van olieprijzen doorschuift. Ik citeer pagina 49: “De kosten verbonden aan de prijzigste bevoorradingsbronnen uit hun Europese bevoorradingsportefeuille (de langetermijncontracten met een prijs die nog geïndexeerd wordt op die van aardolie) worden heel concreet afgewenteld op hun Belgische residentiële klanten en kmo's”.

De CREG voegt daaraan toe: “De goedkoopste bevoorradingsbronnen uit hun Europese portefeuille (de aankopen op de hubs en bepaalde langetermijncontracten die niet op de aardolieprijzen geïndexeerd zijn) worden dan weer systematisch aangewend om hun klanten in het land van de moederonderneming te bedienen of om de elektriciteitscentrales van deze multinationals te voorzien van gas”. In mensentaal: België, het is voor GDF Suez niet meer of minder dan een wingewest.

En wat beslist de regering uiteindelijk? GDF Suez-Electrabel (en anderen) mogen toch nog twee jaar deels de oliegerelateerde contracten doorrekenen. Hoe kun je met deze studie in de hand zo'n speler nog twee jaar extra laten cashen? Waarom dan een energieregulator al dat studiewerk laten verrichten? Waarom zoveel empathie voor de monopolist en de Parijse winstbalansen?

De energiedeal rond de prijzen is onrechtvaardig. Het is niet de structurele hervorming waar onze burgers en bedrijven recht op hebben. Een minister hoeft trouwens geen Robin Hood te zijn. Wat stabiliteit zou de energiemarkt zelfs goed doen. Maar, Robin Hood of niet, huiswerk moet een minister tijdig hebben gemaakt. Voor de energieprijzen is dat helaas nog niet het geval.

Deze vrije tribune verscheen op maandag 3 december in De Morgen.

Share This